Afdrukken

Autobandenrecycler Black Bear hoort niet op Chemelot!

Gedeputeerde Staten is voornemens om aan de autobandenrecycler rCBNL (Black Bear) een vergunning te geven voor vestiging op Chemelot. Het Graetheidecomité heeft bij Gedeputeerde Staten een zienswijze hiertegen ingediend. Wij hebben daarvoor aan aantal belangrijke redenen.

Brand in fabriek is niet te blussen.
In de proeffabriek van Black Bear in Nederweert is in februari 2019 een grote uitslaande brand geweest. Helaas is het onderzoeksrapport van het Nederlands Onderzoeks Instituut (NLOI) geheim. Wel zijn enkele conclusies van het NLOI over de brand in Nederweert bekend: de plant had nooit veilig bedreven kunnen worden, veiligheidsstudies en risico-analyses waren onvoldoende en er was een gebrekkige veiligheidscultuur.
Volgens de Brandweer ZL is een goede beheersbaarheid bij een rubberbrand niet te realiseren. Gezien de opgeslagen hoeveelheden kan een brand enkele dagen duren en is het niet mogelijk deze te blussen. De risico’s voor de omliggende fabrieken en voor de omgeving buiten het hek zijn groot.

Onvoldoende deskundigheid op gebied van veiligheid.
Black Bear heeft er ook bij de vergunningsaanvraag blijk van gegeven onvoldoende deskundigheid op het gebied van veiligheid te hebben. Volgens de VRZL en de Brandweer ZL was de bij de aanvraag voor de vestiging op Chemelot geleverde veiligheidsinformatie zwaar onder de maat. Risico’s werden niet juist beoordeeld of helemaal over het hoofd gezien. Pas na vele gesprekken kon dit op een voor de VRZL/Brandweer bevredigend niveau gebracht worden. In feite lijken de meeste in de vergunning genoemde preventieve maatregelen door VRZL/Brandweer opgesteld te zijn omdat Black Bear daartoe zelf niet in staat was. De Inspectie Leefomgeving en Transport heeft maar liefst 13 verbeterpunten en tekortkomingen geconstateerd in de vergunningsaanvraag van Black Bear. Uit al deze punten blijkt de incompetentie van het bedrijf ten aanzien van de veiligheid. Betwijfeld mag worden of Black Bear in staat is de plant veilig te bedrijven. Een dergelijk bedrijf mag volgens ons niet op Chemelot toegelaten worden.

Kankerverwekkende eigenschappen en stofexplosies zijn over het hoofd gezien.
Daar komt nog bij dat twee ernstige veiligheidsrisico’s helemaal over het hoofd gezien werden. Het geproduceerde carbon black is kankerverwekkend en het kan leiden tot stofexplosies. Deze punten worden in de vergunning helemaal niet besproken.
• Door de WHO-IARC wordt carbon black geclassificeerd als “possibly carcinogenic to humans (Group 2B)”. Het is niet zeker dat het carcinogeen is. Enkele onderzoeken in Engeland, Duitsland en USA vinden dit wel, andere niet. Het hangt af van de precieze samenstelling van het product. Een onderzoek naar de carcinogene eigenschappen van het product van Black Bear is dan ook noodzakelijk. Zolang niet bewezen is dat het product niet carcinogeen is dient het als carcinogeen behandeld te worden (voorzorgprincipe).
• Het product is wat stofexplosie betreft ingedeeld in Explosion Class 2. Hoewel de minimale ontstekingsenergie (MIE) van carbon black vrij hoog is (> 1 kJ) zijn stofexplosies zeker mogelijk. Op 9 oktober 2012 was er in de plant van US Ink in East Rutherford (NJ, USA) een serie explosies gevolgd door flash fires waarbij zeven medewerkers ernstig gewonden raakten.
De MIE hangt af van de deeltjesgrootte van het product (hoe fijner hoe gevaarlijker) en van de aanwezigheid van andere stoffen. De International Carbon Black Association adviseert altijd de explosie-eigenschappen te bepalen van het product. Dat is van het product van Black Bear niet gebeurd.
De risico’s worden aanzienlijk vergroot als er in de plant stofafzettingen en stofnesten ontstaan. Die leiden bij een kleine explosie tot opwervelen van stof waarna dan de echte klap komt. Ook hieraan wordt in de vergunning geen aandacht besteed. In de installatie van Black Bear is met name het pneumatisch transport van de koelschroef naar de magneetafscheider een probleem. In het product zijn dan nog veel metaaldeeltjes aanwezig die door de hoge snelheid vonken kunnen veroorzaken. Het is voor ons onbegrijpelijk dat dit door Black Bear niet onderkend is. Ook de wervelbedmolens, de wervelbeddroger en de stoffilters zijn potentiële problemen. Voordat een vergunning wordt afgegeven dient de hele fabriek doorgelicht te worden op deze gevaren. Dit dient door een terzake deskundig extern bureau te gebeuren.

In strijd met koepelvergunning Chemelot.
Black Bear wil naar Chemelot komen omdat ze dan onder de koepelvergunning van Chemelot vallen. De stikstofuitstoot van het bedrijf is dan geen probleem omdat Chemelot nog stikstofruimte over heeft. Elders bleek de vestiging niet mogelijk vanwege deze uitstoot van stikstof. Maar om onder de koepelvergunning te vallen is het wettelijk verplicht om een functionele binding met de Chemelot-site te hebben. De huidige fabrieken op Chemelot hebben dat; de ene fabriek levert grondstof aan de andere. Black Bear heeft geen enkele binding met de andere bedrijven op Chemelot Toch vindt de provincie dat er voldoende binding is. Men noemt dan dat Black Bear gebruik maakt van bedrijfsbeveiliging, brandweer, arbozorg en weegbruggen. Dit zijn echter geen functionele bindingen als bedoeld in de Wet milieubeheer en het zijn zeker geen sterke bindingen zoals in die Wet bedoeld. Met dit argument kan ook een broodbakkerij of een naai-atelier op Chemelot gevestigd worden.
Overigens is de vestiging van Black Bear op Chemelot ook in strijd met het Masterplan 2030 van DSM/Chemelot. Hierin wordt namelijk gesteld dat op de site alleen nieuwe activiteiten toegelaten worden die een wezenlijke bijdrage leveren aan de verduurzaming van de reeds aanwezige fabrieken. En Black Bear levert daar geen enkele bijdrage aan. DSM/Chemelot houdt zich niet aan haar eigen Masterplan.